Volgens de regering zijn er vijfhonderdduizend ‘oudkomers’ die nog moeten inburgeren, en komen er per jaar 15.500 inburgeringsplichtige nieuwkomers bij. De Wet Inburgering is bedoeld om de inburgering meer ‘verplichtend en resultaatgericht’ te maken. Eigen verantwoordelijkheid van de inburgeraar staat centraal. De verantwoordelijkheid van de overheid bestaat vooral uit handhaven van de inburgeringsplicht, door middel van een flink pakket sancties.
De wet in het kort
Iedereen die ooit uit het buitenland naar Nederland is gemigreerd moet gaan inburgeren - zelfs oudkomers die inmiddels een Nederlands paspoort hebben. Of dat laatste juridisch mogelijk is, is de vraag. Als reactie op bezwaren van de Raad van State heeft Verdonk daarom een kleine concessie gedaan: genaturaliseerde Nederlanders die geen kinderen hebben, en ook geen uitkering, hoeven niet in te burgeren.
Je hebt aan je inburgeringsplicht voldaan als je geslaagd bent voor een landelijk examen. Hoe je je daarop voorbereidt, moet je zelf bedenken. Er komt een vrije markt voor cursus-aanbieders en de inburgeraar moet de cursus zelf betalen. Waarschijnlijk gaat dat ongeveer zesduizend euro kosten. Slaag je binnen drie jaar voor het examen, dan kan je de helft van de kosten terugkrijgen. Zo’n drieduizend euro komt echter in elk geval voor eigen rekening, plus nog de kosten van het examen. Heb je kinderopvang nodig, dan heb je voortaan pech: nieuwkomers kunnen daar nu nog een toeslag voor krijgen, maar onder de nieuwe wet moeten inburgeraars de kinderopvang helemaal zelf betalen.
Eerlijk is eerlijk: bepaalde categorieën oudkomers kunnen onder de nieuwe wet nog wel een aanbod krijgen van de gemeente. De cursus wordt dan betaald, op een eigen bijdrage van 270 euro na. Dat is veel, vooral als je bedenkt voor welke groepen dit aanbod is bedoeld: uitkeringsgerechtigden met een arbeidsplicht en oudkomers zonder eigen inkomen (in de praktijk vooral huisvrouwen). Er zal genoeg geld zijn om per jaar ongeveer 47.000 oudkomers een aanbod te doen – nog geen tien procent van de doelgroep.
Plichten
Dit alles roept de vraag op of deze wet geschikt is om een betere inburgering te bereiken. Gemeenten, die de wet moeten gaan uitvoeren, zijn er over het algemeen niet blij mee. Zij mogen immers ook nu al een inburgeringstraject aanbieden, maar zijn daarin veel vrijer dan onder de nieuwe wet. De nieuwe wet legt niet alleen de inburgeraar, maar ook de gemeente veel meer plichten op. 'We mogen inburgeraars niet meer begeleiden, we moeten handhaven,' stellen de ambtenaren vast.
De plichten voor inburgeraars liegen er niet om. De IB-groep gaat een Bestand Potentiële Inburgeringsplichtigen aanleggen, op basis van het bevolkingsregister. Hierin staat iedereen die mogelijk inburgeringsplichtig is. De gemeente kan dit bestand gebruiken om inwoners op te roepen voor inburgering. Krijg je een oproep van de gemeente, dan moet je gegevens verstrekken over het doel van je verblijf in Nederland, je diploma’s, gezondheidstoestand etcetera. Wie niet verschijnt riskeert een boete van 250 euro.
Iedereen moet binnen vijf jaar voor het landelijk examen slagen. Wie in het land van herkomst een basistoets inburgering heeft afgelegd, krijgt slechts 3,5 jaar de tijd. Die vijf jaar gaat voor oudkomers lopen op het moment dat de gemeente je aanwijst als inburgeringsplichtige, of op het moment dat je zelf een inburgeringskrediet aanvraagt. Slaag je niet, dan krijg je een boete van maximaal vijfhonderd euro. Als je blijft zakken, kan de boete oplopen tot duizend euro. Om dit allemaal bij te houden komt er naast het Bestand Potentiële Inburgeringsplichtigen nog een tweede bestand: het Informatiesysteem Inburgering. Hierin wordt het verloop van het inburgeringsproces bijgehouden.
Naast de financiële sancties krijgen vluchtelingen geen permanente vergunning meer zolang ze niet voor het examen zijn geslaagd. Ook huwelijksmigranten krijgen zonder behaald examen geen zelfstandig verblijfsrecht. De betrokkenen houden wel hun tijdelijke vergunning, maar zijn daarmee kwetsbaarder en afhankelijker. De regering hoopt dat dit hele sanctiepakket ertoe zal leiden dat mensen meer hun best doen voor inburgering en dat de wet bijvoorbeeld 'een steun in de rug zal zijn voor veel vrouwelijke oudkomers die vanwege onder andere culturele omstandigheden tot op heden niet in staat geweest zijn om een inburgeringsprogramma te volgen'.
Wachtlijsten
Misschien gaat dat voor een deel van de doelgroep op. Maar voor anderen wordt de drempel hoger: inburgeren wordt duurder, ingewikkelder om te regelen, en je moet per se een bepaald niveau zien te bereiken. Hoe moet een niet-ingeburgerde migrant kiezen welke aanbieder van curcussen voor hem of haar het beste is? Zou er op de vrije cursus-markt wel een goed aanbod komen voor analfabeten (waaronder relatief veel vrouwen)? Is het landelijke examen voor sommige groepen niet te moeilijk? Hoeveel vrouwen zonder eigen inkomen gaan een aanbod van de gemeente accepteren als dat 270 euro kost en ze ook een contract moeten ondertekenen met allerlei boete-bepalingen? En hoe moet het met vrouwen die van hun man niet mogen inburgeren, en vervolgens van de overheid voor straf geen zelfstandige verblijfsvergunning krijgen?
In plaats van al deze plichten en sancties, met alle handhavingskosten die daarbij horen, zou de overheid beter extra geld kunnen uittrekken voor meer en betere inburgeringscursussen. Het is al vaak gezegd, maar er staan nog altijd duizenden mensen op de wachtlijst voor een vrijwillige cursus.
Op Stopdeinburgeringsplicht.nl vind je meer informatie en kun je een petitie tegen de nieuwe wet tekenen.
Andere recente artikelen:
Migranten en illegalen
21-11-2005 Verdonk molenaar
15-07-2005 Antilliaanse jongeren en Verdonk
15-07-2005 ‘Op migratie is een linkse kijk nodig’
10-05-2005 Naar een nieuw antiracistisch elan
08-03-2005 Gezocht: antiracisme beweging
08-03-2005 Het einde van het asielbeleid
Reactie toevoegen