Kernenergie: 30 jaar na Tsjernobyl nog steeds 'Nee, bedankt!'

Maar hoe staat het er nu echt voor? Zijn jongeren die Tsjernobyl niet bewust hebben meegemaakt echt positiever over kernenergie? Zijn we hypocriet als we in Nederland koste wat kost geen extra kerncentrales willen terwijl alle buurlanden op kernenergie blijven inzetten?
'Tweederde van bevolking voor kernenergie', kopte de Volkskrant op 18 april 2010. Maar als de journalisten het achterliggende opinieonderzoek goed hadden bestudeerd hadden ze gekozen voor de kop 'Geen draagvlak voor kernenergie onder bevolking'. Hoe kan het dat de nucleaire industrie en de tegenstanders van kernenergie zelfs van mening verschillen over het draagvlak onder de bevolking?
In het onderzoek wordt mensen de vraag gesteld of de overheid moet inzetten op meer kernenergie. Van de bevolking antwoord 23 procent hierop onvoorwaardelijk 'ja', 38 procent is pertinent tegen meer kernenergie. Opvallend is dat slechts veertien procent van de jongeren onder de 24 jaar voorstander is van kernenergie en 52 procent fervent tegenstander. De crux zit hem in de 39 procent die twijfelt en alleen voor kernenergie is als er aan bepaalde voorwaarden is voldaan. De twee meest genoemde voorwaarden zijn: een kerncentrale die honderd procent veilig is en een veilige oplossing voor het afvalprobleem.
De nucleaire industrie gooit de 23 procent fervente voorstanders en de 39 procent twijfelaars gemakshalve op een grote hoop om zo te komen tot een twee derde meerderheid voor kernenergie. Het is dan alleen nog een kwestie van de twijfelaars ervan overtuigen dat kernafval geen probleem is en dat een tweede Tsjernobyl onmogelijk. Beide zijn niet waar.
Het onderzoek naar verwerking of eindberging van kernafval is de afgelopen decennia geen stap verder gekomen. Kernafval uit kerncentrale Borssele wordt nog steeds verwerkt in een Franse fabriek die tijdens de Koude Oorlog gebouwd werd om kernwapens te produceren. Onderzoek naar zogenaamde 'levensduurverkorting' is nog steeds een loze belofte. Van ondergrondse berging van kernafval is vooral bewezen dat het niet werkt: in Duitsland worden op dit moment 125.000 vaten radioactief afval uit een definitieve eindberging in zout verwijderd omdat het grondwater besmet dreigt te raken. In Nederland zijn we nooit verder gekomen dan wat papieren studies en ook Verhagen schuift deze last door naar volgende generaties. Na de slechte ervaringen met het verzet tegen CO2-opslag wil hij zijn vingers niet branden aan het aanwijzen van een locatie waar kernafval onder de grond moet verdwijnen.
De officiële kans dat een nieuw type kerncentrale ontploft is eens in de miljoen jaar. Dat klinkt als een kleine kans, ongeveer zo groot als de kans om de loterij te winnen. Onbewust denk je 'over een miljoen jaar' terwijl het net zo goed morgen kan zijn. Deze miljoen jaar is niet meer dan een theoretisch getal waarbij geen rekening wordt gehouden met bijvoorbeeld constructiefouten of crashende computers. De nieuwe types kerncentrales die nu in aanbouw zijn in Finland en Frankrijk worden geplaagd door juist dit soort problemen.
Nederland is met die ene kleine kerncentrale die zo'n 4 procent van onze elektriciteit opwekt geen speler van betekenis op het gebied van kernenergie. Nederland importeert Franse kernstroom die 's nachts voor bodemprijzen op de markt gedumpt wordt – maar noodzakelijk is dit niet. Sinds kort is Nederland namelijk netto exporteur van stroom. Een tweede kerncentrale is absoluut niet nodig om de toekomstige energievraag te dekken. Als alle plannen voor nieuwe energiecentrales in Nederland daadwerkelijk uitgevoerd gaan worden produceert Nederland straks twee keer zoveel stroom als nodig is voor eigen gebruik. Dan gaan wij kernstroom exporteren naar een land waar een groot deel van de bevolking tegen kernenergie is: Duitsland.
Uit het opinieonderzoek dat de Volkskrant in april 2010 aanhaalde valt nog een andere conclusie te trekken: 90 procent van de Nederlanders wil dat de regering inzet op duurzame energie. Dat zou het uitgangspunt van de regering moeten zijn. Kernenergie en duurzame energie zitten elkaar in de weg. Kerncentrales kunnen hun productie niet aanpassen aan de stroomvraag maar draaien altijd op vol vermogen: daarom dumpt Frankrijk zijn kernstroom 's nachts in Nederland. Een windpark met flexibele stroomproductie zou gewoon worden afgekoppeld als het te hard waait.
Van de Europese Unie moet in 2030 37 procent van de Nederlandse stroom duurzaam opgewekt worden, daar past een logge, ouderwetse kerncentrale simpelweg niet naast. Verhagen heeft geen keus dan te zeggen: Kernenergie: nee, bedankt!

Ike Teuling, campagneleider kernenergie bij Greenpeace

Reactie toevoegen

Plain text

  • Toegelaten HTML-tags: <a href hreflang> <em> <strong> <cite> <blockquote cite> <code> <ul type> <ol start type> <li> <dl> <dt> <dd>
  • Web- en e-mailadressen worden automatisch naar links omgezet.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Uw reactie zal niet meteen verschijnen, deze wordt eerst goedgekeurd door de beheerder.
pagetoptoptop