Volgens het rapport van de Wereldbank zorgt het affakkelen en lekken van gas bij de oliewinning voor een jaarlijkse uitstoot van broeikasgas - ruim een miljard ton CO2 - die meer dan twee keer zo groot is als de jaarlijkse vermindering die het Kyoto-protocol ten doel heeft. Als ik het goed begrijp zou het aanpakken van het affakkelen van gas, het dus mogelijk maken om het Kyotoprotocol in de helft van de tijd te realiseren.
Dat is belangrijk nieuws. Maar de NRC brengt het op 7 december op bladzijde zeventien. Een heel klein stukje, in de bijlage economie. Zo'n bijlage economie steekt eigenlijk vreemd in elkaar. Hij staat meestal vol met nieuws over de beurzen, de presentatie van jaarcijfers, het benoemen van nieuwe bestuurders, over overnames en soms ook nog over nieuwe producten. Maar het eigenlijke creatieve proces, het produceren van goederen, van gebruikswaarde, dat krijgt relatief weinig aandacht. In de krant staat bijvoorbeeld geen enkel detail over de manier waarop je het aardgas bij de boortorens zou kunnen verzamelen. Naast het artikel staat wel een foto van Merkel, Sarkozy, Brown en Barroso die over de kredietcrisis overleggen. Die foto neemt vijf keer zoveel ruimte in als een artikel over mogelijkheden het Kyotoprotocol in de helft van de tijd te realiseren.
Dat is niet alleen journalistiek problematisch. Het beheren van de financiële sector heeft in de laatste jaren steeds meer menskracht naar zich toegetrokken. Het kapitalisme draait ook om opeenhoping van kapitaal door de productie van ruilwaarden, niet om de productie van gebruikswaarden. En omdat door dalende lonen de vraag naar producten stagneert, is er de laatste dertig jaar vooral veel geld in de financiële sector belegd. Dat die bubbel nu gebasten is en die financiële papieren nu hun waarde verliezen is eigenlijk logisch. Uiteindelijk wordt de waarde van geld bepaald door de hoeveelheid goederen die je er mee kunt kopen. En die hoeveelheid goederen is lang niet zo snel gegroeid als de waarde van allerlei financiële papieren. Maar de essentie van het kapitalisme is nu juist dat het verzamelen van geld een doel op zich wordt. De reële stofwisseling met de natuur, de manier waarop een vrouw een spijker inslaat, wat er nu precies gebeurt bij een olieput, dat lijkt steeds meer secundair. Maar dat is het natuurlijk niet.
Het is typerend voor het kapitalisme dat er de laatste maanden zoveel geld en aandacht wordt gegeven aan de redding van de financiële sector. Vergelijk dat eens met de traagheid waarmee de opwarming van de aarde wordt aangepakt. Voor veel kapitalisten is het inzakken van de beurzen een reëel probleem, een onderdeel van de realiteit zoals zij die definiëren. Dat ze onderdeel uitmaken van een globaal ecosysteem, dat dringt helemaal niet tot ze door. En die managers die interesse hebben voor ecologie, vinden het ook vaak belangrijk om tegenover hun collega's te benadrukken dat ze niet vaag zijn. Ooit van een handelaar op de optiemarkt, op de derivatenmarkt gehoord die het belangrijk vindt om te benadrukken dat hij niet met iets 'vaags' bezig is? Zo'n man ervaart zichzelf als iemand die midden in de realiteit staat. Dat dit de realiteit is zoals hij hem zelf definieert, dringt helemaal niet meer tot hem door. Kapitalistische vervreemding bestaat er onder meer uit dat geld en kapitaal veel echter lijken dan de fysieke realiteit om ons heen, de natuur, de ervaring van onze eigen en andermans lichamelijkheid, van ons eigen en andermans innerlijk.
In het vorige nummer van Grenzeloos stond een artikel over de uitstoot van broeikasgassen in de scheepvaart. Een vriend vroeg: wat wil je dan, met zeilschepen gaan varen? Het komt uit zijn mond alsof dat een afschuwelijk vooruitzicht is. In zijn stem klinkt iets door van die licht verwijtende ondertoon die ik bij mannen van mijn leeftijd wel vaker hoor: je bent niet realistisch, je bent een dromer! Ik houd mijn mond, maar droom er stilletjes over om met een zeilschip over de Middellandse zee te varen. Toevallig kom ik die avond op de website www.windschiffe.de terecht, waarin voorbeelden van moderne vrachtschepen staan die op windkracht varen en zo vijfentwintig tot dertig procent brandstof besparen. Er blijkt veel meer mogelijk te zijn dan denkt. Alleen lees je daarover zelden iets in de economiebijlage.
Reactie toevoegen