Op woensdag 26 oktober riep de Venezolaanse oppositie landelijke demonstraties uit tegen de regering van president Nicolas Maduro om te protesteren tegen de beslissing van de nationale kiesraad om de voorbereidingen voor een referendum over de afzetting van de president in afwachting van het onderzoek naar fraude tijdelijk op te schorten. Zoals te verwachten was, prezen internationale media de protesten en verheugden ze zich over het idee dat het ‘regime’ van Maduro nu aan zijn doodsstrijd begonnen was.
‘Massaprotest in Venezuela eist einde “dictatuur”,’ schreef het AP. ‘In Venezuela betekent “Als Maduro langer blijft” moeilijkheden’, kwijlde Forbes. ‘Als de situatie verslechtert, is het logisch dat meer Venezolanen door wanhoop gedreven zullen worden om in opstand te komen. Als er meer bloed vergoten wordt, is de heer Maduro verantwoordelijk,’ schreef de New York Times-redactie.
Maar vreemd genoeg ontbrak in het verhaal over de vreedzame mars van de Venezolaanse oppositie naar de overwinning op een wrede dictatuur het kleine detail van de moord op een Venezolaanse politieagent door demonstranten op woensdagavond. Politieagent Jose Molina Alejandro Ramirez uit de staat Miranda werd doodgeschoten tijdens een poging om demonstranten in de buurt van de Pan-American Highway in het stadsdeel San Antonio in het zuidoosten van Caracas te verspreiden. Op een video is te zien dat als Ramirez en andere functionarissen een groep demonstranten naderen, ze plotseling onder geweervuur vanuit de nabijgelegen gebouwen lijken komen te liggen.
Terwijl de Venezolaanse media melding maakten van het incident als een confrontatie tussen de politie en demonstranten van de oppositie, probeerden de internationale media om de misdaad te scheiden van de demonstraties van die dag.
The Guardian suggereerde dat de politie van de staat Miranda ‘het incident niet met de protesten van de oppositie in verband bracht,’ maar citeert vervolgens niet het betreffende politiebureau. Op lokale Twitter-feeds noch op lokale media-accounts is een dergelijke mededeling te vindenen. Evenmin heeft de krant de moeite genomen om een officiële verklaring van minister van Binnenlandse Zaken Nestor Reverol, dat de moord plaatsvond tijdens een poging de orde te herstellen en demonstranten uiteen te drijven, te citeren.
Hoewel de New York Times en de Miami Herald weliswaar de doden in het kader van de dag van de protesten vermelden, vinden beide kranten de gebeurtenis onbelangrijk genoeg om er ieder niet meer dan één zin aan te wijden.
Tot zijn eer, vermeldt CNN de moord in de kop van het artikel en wijdt één regel aan het incident alvorens over te gaan tot de niet-geverifieerde cijfers van ‘oppositieleider’ Henrique Capriles over het aantal gewonden en gevangenen van de protesten van die dag. Afwezig is enige aanwijzing dat Capriles in feite de gouverneur van de staat Miranda is en als zodanig verantwoordelijk voor de veiligheid van zijn politiepersoneel. Ondanks het feit dat het CNN-artikel pas laat die donderdagmiddag is opgemaakt, wordt er ook geen melding gemaakt van officiële cijfers van de Venezolaanse procureur-generaal Luisa Ortega, die melden dat er in het hele land zesentachtig mensen gewond zijn geraakt, waarvan zesentwintig politieagenten en soldaten van de Nationale Garde.
Reuters slaagt er ondertussen in om ook maar enige vermelding van de dode agent te onderdrukken en geeft er de voorkeur aan om aandacht te besteden aan de ‘veteraan-activiste Maria Corina Machado en de vrouw van de gevangengezette protestleider Leopoldo Lopez, Lilian Tintori,’ die zeggen aan te dringen op 'burgerlijke ongehoorzaamheid in Gandhi-stijl .’
De ironie dat deze extreem-rechtse figuren de belangrijkste hoofdrolspelers waren in de gewelddadige anti-regeringsprotesten van 2014 - die drieënveertig doden kostten, waarvan meer dan de helft aanhangers van de regering, de politie, soldaten van de Nationale Garde en voorbijgangers waren - is verloren gegaan bij de internationale nieuwsdienst.
Waarom geven de mainstream-media systematisch te weing verslag of negeren ze ronduit het bijna non-stop geweld van Venezolaans rechts tegen Venezolaans regeringspersoneel en instellingen? Omdat het melden van incidenten, zoals het doden van Molina, het verwonden van zesentwintig andere officieren, aanvallen op de socialistische jeugdleiders in Cojedes of culturele werkers van de overheid in Amazonas een heilige koe dreigen te slachten - namelijk het idee van een vreedzame en democratische Venezolaanse oppositie. Het is immers moeilijk om te betogen dat Venezuela een 'volledige dictatuur zonder verkiezingen' is, als er een oppositie is die de verkiezingen wint en regelmatig, toegestane, protesten houdt waarbij de activisten regelmatig en vaak volledig ongestraft politie, ambtenaren en aanhangers van de regering aanvallen.
Het is lastig om verslag te doen van deze ongemakkelijke feiten die de volslagen minachting van oppositieleiders voor de rechtsstaat laten zien, die normaal door westerse journalisten als een heiligschennis wordt beschouwd. Toch lijkt het niemand iets te schelen dat Henrique Capriles nog steeds een openbare verklaring uit moet geven om de moord op een politieagent te veroordelen in zijn staat tijdens een protest dat hij zelf leidde. Vergelijk dit met de gretigheid van media om verslag te doen van het commentaar van de plaatsvervanger van de gouverneur van Texas, Dan Patrick die Black Lives Matter beschuldigt van het doden van een politie-agent uit Dallas bij een protest eerder dit jaar.
De internationale media aarzelen ook niet te roepen dat de hard-rechtse oppositieleider Leopoldo Lopez een ‘politieke gevangene’ is. Lopez - die eerder een actieve rol speelde in de door de VS gesteunde staatsgreep in 2002, waarvoor hij amnestie kreeg - zit op dit moment een dertienjarige gevangenisstraf uit voor het publiekelijk aanzetten tot geweld en criminele samenzwering tijdens de anti-regerings protesten in 2014. In de VS zou hij waarschijnlijk worden geconfronteerd met een veel hogere straf of eventueel een levenslange gevangenisstraf voor dergelijke misdrijven. Vergelijk dit met de Puerto Ricaanse nationalist Oscar Rivera López, die momenteel een vijfenvijftigjarige gevangenisstraf in een Amerikaanse federale gevangenis uitzit voor opruiende samenzwering, ondanks het feit dat ‘hij niet werd veroordeeld voor gewelddadige misdaden.’ Helaas hebben de internationale media veel meer tranen vergoten voor Leopoldo Lopez dan voor de slachtoffers van het oppositie-geweld.
In de meeste gevallen is het ‘leven van agenten’ blijkbaar een heleboel waard - behalve wanneer ze dienen onder een zelfverklaarde socialistische nationale overheid die door de VS als een ‘ongebruikelijke en buitengewone bedreiging’ werd gebrandmerkt.
Lucas Koerner is schrijver en redacteur van Venezuelanalysis.com. Dit artikel verscheen eerder op Jacobin en is een bewerking van een artikel opTelesur.
Reactie toevoegen